Wat is een sleeve gastrectomie?
Bij een sleeve gastrectomie wordt ongeveer 85% van de maag verwijderd, ter hoogte van de grote ronde boog. Wat overblijft is een buisvormige maag die sterk op een banaan lijkt.
Het verminderde maagvolume heeft na de ingreep nog een capaciteit van 100 à 150 ml. De ingreep werkt dus onder meer restrictief: je kan minder voedsel innemen en je zal je veel sneller verzadigd voelen. Daarnaast vermindert ook het hongergevoel, omdat het deel van de maag waar het hongerhormoon (Ghreline) wordt aangemaakt, verwijderd wordt.
Levenslange richtlijnen na een sleeve
Grootte van tabletten en pillen
Bij een sleeve gastrectomie wordt het maagvolume drastisch verkleind. Hierdoor kunnen grote pillen soms zwaar vallen. Daarnaast is er een snellere passage door de maag waardoor grote pillen soms onvoldoende worden afgebroken en de medicatie minder goed kan worden opgenomen.
Daarom is het beter om kleine pilletjes te slikken of grote pillen eventueel te
breken of te pletten.
Let op! Niet ieder geneesmiddel mag worden gedeeld of geplet. Vraag hiervoor
steeds raad aan je apotheker.
Alternatieven:
- Smelttabletten
- Bruistabletten
- Kauwtabletten
- Zakjes met poeder
- Druppels
Supplementen: multivitaminen en mineralen
Na een sleeve gastrectomie zien we minder snel tekorten van vitaminen of mineralen in vergelijking met malabsorptieve ingrepen zoals bijvoorbeeld een gastric bypass. Daarom worden niet-standaard supplementen voorgeschreven na de ingreep.
Het is echter wel belangrijk dat er regelmatig wordt gecontroleerd of je geen tekorten hebt. Daarom zal gedurende het eerste jaar om de 3 maanden bij jou een bloedafname plaatsvinden om tijdig afwijkingen te kunnen opsporen. Daarna is het aan te raden om dit voor de rest van je leven ieder half jaar te herhalen.
Ontstekingsremmers (NSAID´s)
Ontstekingsremmers zoals diclofenac, ibuprofen, voltaren, … - ook wel NSAID´s
genoemd - moet je na een sleeve gastrectomie vermijden. Deze geneesmiddelen kunnen namelijk aanleiding geven tot maagzweren, bloedingen of perforaties van de restmaag. Dit geldt zowel voor tabletten, siropen, injecties als suppo´s. Lokale toedieningen zoals zalf of gel mag je wel gebruiken.
Mocht het toch absoluut noodzakelijk zijn dat je dit geneesmiddel gebruikt, dan altijd zo kort mogelijk en in combinatie met een maagbeschermer (bijvoorbeeld pantomed 40 mg). Raadpleeg bij twijfel altijd je arts of apotheker.
Medicatie voor de operatie
Op de preoperatieve raadpleging zullen we je zeggen welke medicatie je mag blijven innemen en welke niet, dit in overleg met de huisarts, anesthesist of een andere specialist. Medicatie voor hart, bloeddruk, kortademigheid en epilepsie mag je de ochtend van de ingreep met een klein slokje water innemen.
Heb je suikerziekte? Dan mag je jouw gebruikelijke medicatie niet innemen de ochtend van de ingreep. In het ziekenhuis krijg je medicatie om je suiker te regelen.
Bepaalde bloedverdunners moeten vóór de ingreep gestopt worden vanwege het bloedingsrisico gedurende de operatie. Geef altijd tijdig aan dat je bloedverdunners neemt zodat deze ofwel gestopt kunnen worden, ofwel vervangen door een veilig alternatief.
Twijfel je over de medicatie die je mag innemen? Neem dan contact op met je huisarts of de dienst Anesthesie of breng je medicatie mee naar het ziekenhuis en bespreek de eventuele inname meteen na je aankomst. Het is belangrijk dat je al je medicatie - of alleszins een duidelijk overzicht hiervan - meebrengt naar het ziekenhuis op de dag van je opname.
Medicatie na de operatie
Tromboseprofylaxie
Obesitas en chirurgie zijn belangrijke risicofactoren voor het ontstaan van bloedklonters in de benen en longen. Daarom adviseren wij jou na de operatie mobiel te blijven en indien mogelijk ieder uur rond te stappen. Ga overdag niet in bed of op de bank liggen, maar blijf bewegen!
Je krijgt anti-trombosekousen (TED-kousen) die je de eerste 3 weken na de operatie moet dragen, dag én nacht! Daarnaast krijg je spuitjes met antistollingsmedicatie tot 21 dagen na ontslag. Deze kan je zelf plaatsen of je kan een thuisverpleegkundige vragen om dit te doen.
Maagbeschermer
Na de operatie moet je gedurende 3 maanden een maagbeschermer nemen. Deze zogenoemde protonpompinhibitor of PPI is een maagzuurremmer die de nieuwe verbinding tussen de maag en darm beschermt.
Roken na een sleeve gastrectomie wordt sterk afgeraden gezien de risico´s op chronische pijn, misselijkheid, overgeven na het eten, vernauwing van de maag, maagzweren en perforaties (gat in de maag). Als je toch actief blijft roken na de operatie dan zal je levenslang een maagbeschermer moeten nemen.
Chronische medicatie
Na de ingreep ga je fors afvallen waardoor je gezonder wordt. Bepaalde geneesmiddelen die je voor de operatie nam, bijvoorbeeld voor je bloeddruk, cholesterol, diabetes of reflux, zijn wellicht niet meer nodig of kunnen worden afgebouwd. Raadplaag je huisarts hierover. Stop nooit zelf een geneesmiddel zonder advies van de behandelende arts.
Samenvatting
- Vermijd ontstekingsremmers (NSAID´s zoals Voltaren, Ibuprofen, Diclofenac, enzovoort). Mocht dit toch noodzakelijk zijn, dan zo kort mogelijk en altijd met een maagbeschermer (bijvoorbeeld pantomed 40mg).
- Neem bij voorkeur kauwtabletten, bruis- of smelttabletten of druppels.