Soms is het nodig de borst volledig weg te nemen. Een mastectomie of borstamputatie kan aangewezen zijn:
- bij een groot letsel (groter dan 4 à 5 cm). Ook de verhouding van de grootte van de tumor ten opzichte van het volume van de borst is belangrijk;
- bij 2 of meer tumoren die verder 3 cm uit elkaar liggen of in verschillende quadranten van de borst liggen (multicentrische letsels);
- wanneer je vroeger al bestraling van de borst kreeg en er opnieuw een kwaadaardig letsel in de borst wordt vastgesteld;
- bij verdachte verkalkingen verspreid over de hele borst en bewezen maligniteit of in situ carcinoma;
- bij een kleiner letsel wanneer een erfelijke vorm van borstkanker bewezen is;
- bij preventieve wegname van de borst(en) bij bepaalde erfelijke problemen;
- bij voorafgaande borstsparende ingreep met positieve sectievlakken in verschillende vlakken;
- bij voorafgaande borstsparende ingreep met recoupe die toch nog maligniteit tot in de nieuwe snijvlakken toont.
De beslissing om de volledige borst weg te nemen wordt weloverwogen en in teamverband genomen. Er zal ook steeds uitgebreid overleg met jou (en je partner) plaatsvinden. Er zal ook nooit tijdens een borstsparende ingreep worden overgegaan tot een volledige wegname van de borst.
Uit oncologisch standpunt wordt meestal aangeraden ook de tepel en het tepelcomplex mee weg te nemen. De incisies bij mastectomie variëren in functie van:
- de ligging van het maligne letsel
- het volume van de borst
- het soms uitlopen van de borst naar de oksel.-
Als een directe reconstructie (expander) wordt geplaatst, kan meer huid worden gespaard (‘skin sparing mastectomy’). Zo niet, dan wordt er huid weggenomen zodanig dat de huid mooi aansluit tegen de borstkaswand. Zo kan hier een externe prothese worden geplaatst.