Dit is een aanvullend onderzoek om bij afwijkend borstklierweefsel zekerheid te krijgen over de diagnose. Bij een borstbiopsie verwijdert de radioloog een weefselreepje. Dat reepje weefsel wordt vervolgens onderzocht op de dienst anatomopathologie. Weefseldiagnostiek geeft ons dan meer info.
Bij een fijne naald aspiratie verwijdert de radioloog cellen en/of vocht. Dit zal ook microscopisch bekeken worden. Dit betekent niet onmiddellijk dat het om kanker gaat. In veel gevallen is de afwijking goedaardig.
Voorbereiding
- Ben je zwanger? Meld dit zeker aan de arts en verpleegkundige.
- Gebruik je bloedverdunners? Meld dit zo snel mogelijk aan de behandelende arts in de borstkliniek of je huisarts. Je arts beslist of je tijdelijk moet stoppen met het nemen van deze medicatie.
- De dag van het onderzoek:
- Gebruik geen zalf, crème of poeder op de borsten.
- Draag gemakkelijke kledij.
Het onderzoek zelf
Dit onderzoek vindt plaats op de afdeling Medische Beeldvorming/Radiologie. Naargelang de soort vastgestelde afwijking, kiest de arts de meest geschikte biopsie uit de volgende 2 methodes:
1. Fijne naaldaspiratie (FNAC)
Het prikken (punctie) gebeurt onder echogeleide: de arts kijkt met de echosonde terwijl hij prikt met een fijne naald zodat hij het hele verloop van de naald tot in het letsel kan volgen. Lokale verdoving is niet aangewezen aangezien het prikje van de verdoving gelijkaardig is aan de prik van de FNAC zelf. Met de fijne naald worden cellen en/of vocht opgezogen voor verder microscopisch onderzoek. Na het onderzoek wordt een huidpleister aangebracht.
2. Borstbiopsie (‘core needle biopsie’ of ‘CNB’)
De biopsie gebeurt onder echogeleide. Vooraf wordt de borst lokaal verdoofd via een prikje met een fijne naald (dit kan wat prikken). Vervolgens maken we een kleine insnede van 2 à 3 millimeter in de huid. Nadien brengen we een iets dikkere biopsienaald in tot vlak tegen of tot in het letsel. Er worden een aantal stukjes (meestal 2 à 3) weefsel weggenomen met deze biopsienaald. Je hoort telkens een luide klik bij het nemen van deze stukjes weefsel. Na de biopsie drukt de verpleegkundige nog een tiental minuten op de borst om bloeding te voorkomen. De kleine insnede kleven we dicht met huidlijm en bedekken we met een verband.
Het bekomen weefsel wordt naar de dienst Pathologische Anatomie gebracht voor verder onderzoek. Meestal krijgt de aanvragende arts het resultaat de eerstvolgende werkdag. Hij brengt je op de hoogte.
Nazorg
- Bij FNAC wordt er enkel een huidpleister aangebracht. Deze mag je zelf verwijderen de dag na het onderzoek. Dan mag je ook terug douchen en een bad nemen.
- Bij CNB zal de aangebrachte huidlijm na enkele dagen vanzelf loskomen. De insteekplaats is dan weer dichtgegroeid. Je mag douchen de dag na het onderzoek. De huidlijm beschermt het wondje. Een bad nemen of zwemmen is af te raden gedurende 7 dagen.
- De dag van het onderzoek mag je geen zware arbeid meer verrichten.
- Op de insteekplaats kan een blauwe plek ontstaan. Deze verdwijnt vanzelf na een paar dagen.
- Indien jouw borst fors opzwelt, neem dan contact op met de dienst Medische Beeldvorming/Radiologie, de borstkliniek of je huisarts.
- De borst kan nog enkele dagen pijnlijk zijn. Hiervoor mag je paracetamol (bijvoorbeeld Dafalgan) innemen. Gebruik geen aspirine of aspirine-derivaten.