Een varicectomie is een ingreep waarbij spataders (varices) worden verwijderd. Om het resultaat van de ingreep te optimaliseren, is een goede nazorg belangrijk. Daarom vragen we je om onderstaande raadgevingen goed op te volgen.
Oppervlakkige spataders
Wanneer een aderwand ziek is of verzwakt, zet de wand uit. De aderkleppen sluiten niet goed meer en het bloed stroomt terug naar de benen. Daar hoopt het zuurstofarme bloed zich op. Zo ontstaan varices of ‘spataders’.
Behandeling
Patiënten met spataders worden het best behandeld door de zieke ader volledig te verwijderen vanaf de lies tot aan de knie of enkel (= strippen).
Bij deze ingreep wordt onder lokale of algemene verdoving een draad in de zieke ader geschoven vanuit de knie of enkel naar de lies toe. In de lies wordt de verbinding van de spatader naar de diepe ader afgebonden en wordt de spatader vervolgens uitgetrokken.
Een tweede en minder ingrijpende manier is de ‘radiofrequentie ablatie’ (RFA), ook wel de ‘VNUS-procedure’ genoemd. Ook deze ingreep gebeurt onder plaatselijke of volledige verdoving. De zieke ader wordt als het ware dichtgesmolten met behulp van een katheter die verhit wordt tot 85°C. De kleinere zijtakken van de zieke ader worden tijdens dezelfde ingreep via kleine sneetjes verwijderd.
Kleine ‘spinnewebjes’ kunnen nadien verwijderd worden via sclero- en/of lasertherapie.
Nazorg
Steunkousen
Na de ingreep wordt een gewatteerd drukverband (Dauerbinde) aangebracht om hematomen (bloeduitstortingen) te beperken.
Je houdt dit verband aan tot de volgende ochtend. Als de rand opkrult en te veel afsnoert, mag je hierin een knipje geven. Je mag je been voorzichtig proper maken door te deppen met een nat washandje. Over heel je been zie je klevers die de kleine wondjes bedekken: deze laat je ter plaatse gedurende 10 dagen. De klevers verdragen geen water, je moet ze dus goed droog houden.
Om de steunkous aan te trekken, keer je ze eerst binnenstebuiten en trek je ze stukje per stukje goed. Let erop, dat er geen plooien zijn. De steunkous houd je aan tot de volgende dag ’s avonds (je houdt ze dus één nacht aan). Nadien draag je ze overdag gedurende ongeveer 4 weken, tot na de controle bij de arts.
Als je je aan de volgende adviezen houdt, zijn de steunkousen het meest effectief:
- Draag de voorgeschreven elastische kousen, compressieklasse II. Tegenwoordig zijn steunkousen in meerdere kleuren verkrijgbaar. Je bandagist kan je hier meer over vertellen. Als de kousen niet goed zitten, ga dan terug naar de bandagist.
- Draag de kousen iedere dag. Trek de kousen direct na het opstaan
aan. Vraag je bandagist advies over het goed aantrekken van de
kous. Er bestaan zeer handige aantrekhulpmiddelen. Trek de kousen uit wanneer je ’s avonds gaat slapen. - Was de kousen regelmatig en volg daarbij nauwkeurig de wasvoorschriften van de fabrikant. De werking van de kousen vermindert door te weinig wassen.
Bewegen
De dag van de ingreep moet je rusten met de benen in hoogstand. Daarna is veel bewegen aan te bevelen. Sporten mag dus. Wanneer je rust, is het steeds aangeraden om de benen omhoog te leggen.
Kine
De dagen na de ingreep ga je bij een kinesitherapeut(e) voor een behandeling met een lymphamattoestel. Dit is een opblaasbare laars die rond het been geplaatst wordt om de doorbloeding in de diepe aders te verbeteren en vorming van bloedklonters (trombose) te voorkomen.
Er worden 9 beurten voorgeschreven (3 keer per week). Informeer gerust bij je kinesist of hij/zij deze behandeling aanbiedt.
Een bad of douche nemen
Om een mooi resultaat te bekomen, laat je de klevers die de wondjes bedekken 10 dagen ter plaatse. Gedurende die periode is baden of douchen niet toegestaan. Vanaf 10 dagen na de ingreep mag je de klevers zelf verwijderen en een bad nemen.
Hechtingen
Er moeten geen draadjes verwijderd worden.
UV-stralen
Vermijd blootstelling aan de zon zolang er nog harde ‘strengetjes’ of ecchymosen (blauw/paarse verkleuring op de huid) als gevolg van de ingreep aanwezig zijn. Voor een mooi esthetisch resultaat van de littekens is het aangewezen om 6 maanden UV-licht op deze plaatsen te vermijden (zon en zonnebank).
Medicatie
- Pijnstilling: De eerste 24 uur kan je indien nodig paracetamol 1g om de 6 uur nemen.
- Na de ingreep kan je medicatie (Daflon) nemen om de bloedvatenwand te verstevigen. Je neemt dit 2x per dag volgens de aanwijzingen van je arts tot je op controle komt. Uitzondering: patiënten van Dr. De Waele en Dr. Speybrouck moeten GEEN Daflon nemen.
Eten
Bij een plaatselijke, epidurale verdoving (= ruggenprik), mag je na de ingreep alles eten en drinken, maar wel met mate. Indien je een algemene verdoving hebt gehad, mag je pas 's avonds een licht verteerbare maaltijd gebruiken.
Vragen of bezorgdheden na je ingreep?
Neem contact op met