Beweging is goed voor de gezondheid en het algemeen welzijn. Een drietal keer per week een half uur aan lichaamsbeweging doen, is meestal voldoende in de strijd tegen diabetes.
Waarom beweging?
De belangrijkste voordelen zijn:
- de bloeddoorstroming verbetert
- bloeddruk en stress verlagen
- het geestelijk welzijn verbetert
- de kans op langetermijncomplicaties vermindert
- hart, spieren en beenderen versterken
- het risico op overgewicht vermindert
Lichaamsbeweging verlaagt de bloedsuikers: de spieren gaan meer glucose vragen en krijgen. Houd er rekening mee dat een aanzienlijke verlaging van de bloedsuikers kan leiden tot een te laag suikergehalte (hypoglycemie). Pas de insulinedosis of tabletten aan door je dosis te verlagen.
We geven je alvast een reeks tips om naar een evenwichtige bloedspiegel te sporten.
Hoe zorg je voor meer sport in je leven?
- Raadpleeg je arts voor je begint met sporten. Laat je bloedsuiker, de conditie van hart en bloedvaten, ogen, voeten, enzovoort controleren en bespreek de resultaten met je arts.
- Laat je maximale hartslag bepalen.
- Informeer je arts over welke activiteiten je het leukst vindt. Zo kan je, samen met je arts, gezonde beweging kiezen die ook aangenaam is. Deze zal beter vol te houden zijn.
- Zorg voor afwisseling in je activiteiten. Zo is slecht weer niet langer een excuus om niet te sporten.
- Doe zo veel mogelijk te voet. Neem de trap in plaats van de lift of roltrap, ga met de fiets in plaats van de auto, …
Voor je aan een inspanning begint
- Controleer je suikergehalte
- te hoog (boven de 300mg/dl): stel de activiteit uit
- te laag (minder dan 60 mg/dl): neem twee koolhydraatporties
- Ga niet over je maximale hartslag.
- Drink voldoende water tijdens de activiteit.
- Spuit de insuline best ter hoogte van de buik.
- Verminder de insulinedosis (soms zelfs tot de helft).
Na elke inspanning
- Controleer je voeten op blaren en roodheid.
- Stel de volgende maaltijd niet uit. Je lever moet tijdig nieuwe suikerreserves opbouwen.
- Controleer je bloedsuiker 30 tot 60 minuten na het sporten, maar ook in de periodes daarna.
Let op: na een inspanning kan de bloedsuiker nog sterk blijven dalen.
Hypoglycemie kan zich voordoen tot 36 uur na een fysieke inspanning doordat de spieren extra suikers opnemen.
Maaltijden voor het sporten
Door het sporten verlaagt het suikergehalte. Om te vermijden dat het te laag wordt (hypo), houd je best rekening met het volgende:
- Bij sport net na de maaltijd: voeg extra trage suikers toe zoals brood, aardappelen, …
- Bij sport meer dan 1u na de maaltijd: eet een snack voor je begint, bijvoorbeeld een appel, een boterham, een potje yoghurt (1 tot 2 koolhydraatporties).
- Bij langdurig sporten: voorzie jezelf regelmatig van extra suikers, bijvoorbeeld om het uur een paar druivensuikers, sportdrank met suiker, … (1 koolhydraatportie/uur).
Elk lichaam is anders. De dosis insuline of de aanpassing van de voeding verschilt van persoon tot persoon. In het begin kan je dit minder goed inschatten waardoor je niet altijd de ideale bloedsuikerspiegel bekomt. Houd vol, het zal steeds beter lukken.
Stel sport uit bij:
- ziekte
- kortademigheid
- opvallende vermoeidheid
- glycemiewaarden > 200 mg/dl
- pijn in borst of benen door die inspanning
- ketonen in urine of bloed (dit duidt op insulinetekort)