Je bent ontslagen na het aanleggen van een urostoma volgens Bricker. Wat nu?
Verzorging van de urostoma
- De sociaal verpleegkundige zal je voldoende materiaal meegeven om thuis verder te kunnen. Nadien wordt elke 3 maanden de nodige voorraad door de bandagist aan huis geleverd.
- Tijdens je verblijf in het ziekenhuis zorgen we voor een thuisverpleegkundige die in het begin zal instaan voor de verzorging van het urostoma en het aanleggen van de nachtzak. Hij/zij zal je - indien je dit wenst - geleidelijk aan betrekken bij de verzorging van je stoma tot wanneer je alle handelingen zelf kan uitvoeren.
- Hygiënische verzorging:
- Douchen kan, zonder plaat. Richt de douchestraal niet rechtstreeks op de stoma.
- Een bad nemen kan indien je het zakje ter plaatse laat. Nadien vervang je best het systeem. Gebruik geen badschuim (dit veroorzaakt huidirritatie) en geen olie (dit bemoeilijkt het vastkleven van de plaat).
- Tijdens de verzorging kan de stoma gekwetst worden met een lichte bloeding als gevolg. Door er lichtjes op te drukken stopt dit snel. Verwittig de arts wanneer de bloeding blijft duren.
- Om ongelukjes te voorkomen, is het belangrijk dat je het opvangzakje op tijd leegmaakt (wanneer het voor 1/3de vol is), en dat je de plaat vervangt van zodra de binnenzijde begint te verweken (minstens om de 3 dagen).
- Het urinezakje vervang je bij voorkeur om de 2 dagen.
Praktische raadgevingen
- Draag losse kledij. Zorg ervoor dat de elastiek van je rok of broek de stomaplaat niet naar beneden trekt. Een speciale buikband kan soms handig zijn.
- Drink minstens twee liter vocht per dag om de urinewegen te spoelen en om het herstel van het maag-darmstelsel te bevorderen. De aanwezigheid van vlokjes in de urine is normaal: de stoma bestaat uit darmweefsel, dit produceert darmslijmen.
- Tot 6 weken na de operatie mag je niet heffen, niet tillen en niet fietsen.
- Om flebitis te voorkomen (= aderontsteking waardoor er eventueel bloedklonters kunnen ontstaan) moet je tot 20 dagen na de operatie spuitjes krijgen. Tijdens deze periode moet je ook steunkousen dragen.
- Bij huidproblemen (bijvoorbeeld blijvende roodheid, irritatie, …) neem je zo snel mogelijk contact op met de begeleidingsverpleegkundige urologie.
- Lange haartjes rond de stoma kan je best afknippen met een schaar. Het gedeelte van de huid dat onder de plaat terechtkomt, mag geëpileerd worden.
- Zorg ervoor dat je altijd en overal reservemateriaal bij je hebt, zodat je het opvangsysteem kan vervangen indien nodig.
- Om ’s nachts niet te moeten opstaan, kan je het stomazakje aansluiten op een grote urinezak.
- Gebruik een matrasbeschermer. Ze zijn in de gewone handel verkrijgbaar.
- Als je de gewoonte hebt om op je buik te slapen, kan je dit blijven doen. Schuif wel een kussen onder je heup, aan de kant van de stoma. Op die manier vermijd je rechtstreekse druk op de stoma.
- Controleer regelmatig je gewicht. Een gewichtstoename kan moeilijkheden veroorzaken bij de verzorging van je stoma omdat die dan dieper komt te liggen.
Neem contact op met je behandelende arts:
- bij koorts
- bij aanhoudende bloeding van de stoma