Bij het ontwaken na de ingreep zal je merken dat je een steunverband (verba-verband) hebt. Dit om voldoende weerstand te geven ter hoogte van het wondoppervlak. Op deze manier stroomt het wondvocht naar de redon en zal het zich niet onderhuids opstapelen.
Het verba-verband mag je zeker af en toe losmaken om de spanning wat te verlichten, bijvoorbeeld tijdens het wassen of eten. Om het verband zo comfortabel mogelijk te dragen, raden we aan er een licht T-shirt of hemdje onder aan te trekken. Op deze manier vermijd je direct contact met de huid.
Na een mastectomie mogen de meeste mensen één of twee dagen na de ingreep het ziekenhuis verlaten. Voor je naar huis vertrekt, zal de wonde verzorgd worden door een verpleegkundige op je afdeling. De wonde zal ontsmet worden en er zal een nieuw verband worden aangebracht.
Tijdens het weekend hoeft het verband niet vernieuwd te worden en moet je dus ook geen thuisverpleging inschakelen. Houd het verband en de wonde één week droog. Dit om vroegtijdige loslating van de huidlijm te voorkomen en wondproblemen te vermijden.
In volgende gevallen raadpleeg je best een arts:
- koorts
- roodheid van de wonde
- zwelling
- intense pijn
Op maandag heb je een raadpleging bij de borstverpleegkundige. Zij zal samen met de arts de wonde opnieuw verzorgen. Dit houdt in dat de wonde zal ontsmet worden. Nadien mag de wondnaad bloot blijven (geen verband meer).
Elke wonde wordt steeds onderhuids gehecht. Deze draadjes zie je niet en ze verteren vanzelf. De wondnaad kan op drie verschillende manieren gesloten worden: met huidlijm, haakjes of draadjes. Huidlijm vraagt geen specifieke nazorg, enkel drooghouden van de wonde. In geval van haakjes of draadjes zullen deze in drie keer worden verwijderd, dit om te vermijden dat de wondnaad te vroeg zou onthechten. Op dag 7 na de ingreep wordt één derde van de hechtingen verwijderd. De overige hechtingen worden verwijderd op dag 9 en dag 12 na de ingreep.